Zakynthos 2002

Zakynthos:
19 tot 27 oktober 2002

Algemene informatie
Zakynthos is één van de Ionische eilanden die bekend staan om hun herpetofauna, vooral slangen komen veel op de eilanden voor. Het ligt even ten westen van peleponnesos en vlak iets ten zuidwesten van Albanië.
Door de noordelijke ligging is het in vergelijk tot andere Griekse eilanden een eiland met een gematigd klimaat en een veel extremere invloed vand e seizoenen. Daarom zijn de Ionische eilanden ook het beste in de lente te bezoeken.
De zee is aanmerkelijk troebeler en kouder dan de middellandse zee en voor duidkers dan ook minder geschikt.
De keuze op Zakynthos was eigenlijk een min of meer gedwongen keuze omdat het één van de laatse Giekse bestemmingen was.

Literatuur:
Ten eerste is natuurlijk het klimaat belangrijk en dat zit gelukkig wel goed. De gemiddelde temperatuur in oktober ligt tussen de 20 en 25 graden celcius met op 9 dagen gemiddeld wat neerslag. De daadwerkelijke vooruitzichten voor de komende week zijn zelfs beter: geen neerslag en de temperatuur klopt wel dus lekker weer om ook wat te doen.
Zakynthos kent in de winter wel behoorlijk wat neerslag en daardoor is het eiland heel erg groen en wordt het ook wel het bloemeneiland genoemd maar dan moet het natuurlijk wel in het voorjaar worden bezocht.
De informatie die ik nu tot mijn beschikking heb komt van een avondje internetten maar de verhalen zijn allen zeer positief, op alle fronten.
Wat betreft de fauna… Vogels, maar ook gekko’s en sporadisch wat informatie over Podarcis soorten. Boeken die met landkaartjes werken zijn niet bruikbaar omdat de kaartjes te klein zijn en het eland zelf dus al helemaal in het niet valt.

Op Zakynthos:
Vanuit een uitermate herfstachtig nederland komen we na twee en een half uur vliegen aan op Zakynthos. Het is er lekker warm en enorm vochtig. De temperatuur zal een graad of 25 zijn en de zon schijnt geregeld tussen de paar stapelwolkjes door.
We worden naar het appartement gebracht. Dit is eenvoudig en oud maar voldoet aan onze eisen: we kunnen slapen en douchen en kunnen onze spullen koel bewaren.
Aangezien we al de hele nacht zijn opgeweest gaan we eerst even slapen en zo begint dus eigenlijk pas laat in de middag de vakantie. We besluiten eerst het stadje te ontdekken: Laganas. Het blijkt het uitgaanscentrum van het eiland te zijn met grote discotheken en enorm veel cafe’s met, vooral ’s nachts, de nodige herrie. De restaurants zijn eenvoudig en luxe is er veel minder te vinden dan op bijvoorbeeld Rhodos of Malta. ’s avonds gaan we lekker naar een kroegje en zo is onze eerste dag opgegaan aan acclimatiseren en uitrusten.

De tweede dag (zondag)

Podarcis erhardi, vrouwtje

Een vrouwtje van Podarcis erhardii, de eerste hagedis die ik tegen kom. Het is heel mooi weer, de zon schijnt en het is een graad of 25. We besluiten een beetje zon te ‘vangen’ en later die dag maken we een wandeling langs het strand in westelijke richting. Daar kom ik op de muurtjes in een dorpje zeer veel exemplaren van Podarcis peloponnesiaca wat tot de nodige vreugde stemt, mede omdat ik deze soort nooit eerder zag.

Podarcis peloponnesiaca

Het eiland blijkt verder nog vol met vlinders te zitten die gretig op de foto worden gezet, die hier echter niet zijn afgebeeld. Gisteren bleek al dat de temperatuur na een uur of 15.00 behoorlijk daalt, vooral door de frisse wind en ’s avonds is een fleecejack dan ook zeer aan te bevelen. Overigens is het in Nederland inmiddels wel berekoud, regenachtig en stormend.

De dag daarna, maandag
We zijn we naar de hoofdstad Zante gegaan en hebben daar wat rondgekeken. Het ligt tussen twee bergen in en het uitzicht vanaf de berg over de stad is werkelijk prachtig. ook hier weer vele vlinders maar verder geen bijzondere zaken gezien.

De eerste echte tocht
De dinsdag hebben we een auto gehuurd en kozen voor een vierwiel aangedreven suzuki en dat was maar goed ook want sommige weggetjes zijn werkelijk onbegaanbaar maar wel erg mooi.
We hebben er voor gekozen, om het bergachtige westen te doorkruisen en wat dan meteen opvalt is dat er eigenlijk niet veel te zien is. Oké, bergen en veel groen en enorm veel, bijna overdreven, olijfbomen. De kusten zijn stijl waardoor wel mooie panorama’s ontstaan maar die heb je na een stop of drie ook wel gezien.
De meest interesante stop was bij een oud klooster in het binnenland, daar zag ik Algyroides moreoticus.

De enige algyroides in dit gebied: Algyroides moreoticus

Ook Podarcis erhardi was daar weer te vinden, op vrijwel alle stenen en rotsen!

Podarcis erhardi

Verder heel weinig of geen dieren gezien, op enorme hoeveelheden geiten en schapen na; en echte bezienswaardigheden zijn er ook niet, mede doordat 95 procent van het eiland in 1953 geheel verwoest is door een vertikale aardbeving. Deze bevingen zijn vrij zeldzaam, bij de meeste bevingen schudt de grond heen en weer in dit geval schudde de aarde op en neer wat catastrofale gevolgen gehad heeft. Dat bleek uit de kracht van 5.7 op de schaal van Richter (vergelijkbaar met de beving in roermond in 1991) en de foto’s die ik zag van vlak na de beving, er stond helemaal niets meer overeind.
We kwamen dus terug en op de podarcis, Algyroides en vele vlinders na niet veel aan dieren gezien. Wel zag ik een dode vipera liggen, deze was echter dusdanig beschadigd dat determinatie niet meer mogelijk was. In ieder geval ging het om een vrij kleine, gedrongen soort waarbij de zigzagtekening nog wel zichtbaar was.
Het feit dat er niet veel zagen zal waarschijnlijk met het weer te maken hebben gehad omdat alleen zo tussen één en drie de temperatuur opliep tot een graad of 23 a 24. Daarna bracht een koude zeewind een dusdanige verkoeling dat de temperatuur snel tot een eind onder de 20 graden daalde en zeker in dit bergachtige gedeelte van het eiland was dat duidelijk merkbaar.

De tweede tocht
Een tweetal dagen later besloten we nogmaals een 4X4 te huren en het laagland te verkennen. Dit bleek veel mooier te zijn dat het gebergte. Het hele eiland blijkt vergeven van olijfboomgaarden waarvan boven een foto is afgebeeld, en als je niet uitkijkt rijd je zo een eeuwenoude boomgaard op vele kleine weggetjes blijken alleen met een 4*4 bereidbaar te zijn en ook deze keer is dat dus geen overbodige luxe geweest.
Ondanks dat we een goede wegenkaart hadden is het vrijwel onmogelijk een route uit te stippelen omdat vele weggetjes geheel dichtgegroeid zijn en als zodanig vrijwel onherkenbaar.
Ook de bewegwijzering is verre van de Nederlandse standaard en vele dorpjes bestaan uit één of twee, vaak verlaten huizen.
De wat hogere temperatuur in het laagland blijkt veel gunstiger gunstiger voor het spotten van reptielen. Vele tientallen zaten er alleen al op de weg waarvan determinatie via de foto’s moet volgen. Vooral opvallend was de aanwezigheid van vele “vers” aangereden slangen die echter niet nader bekeken konden worden omdat parkeren niet mogelijk was. Later zou blijken dat het om de hagedisslang gaat. Van een van de dieren kon ik snel een slechte foto maken vlak voordat een nerveus claxonerende medeweggebruiker achter mij ons maande snel door te rijden.
Tijdens een stop bij een klein café maakt ik een korte wandeling de berg op en vond daar wederom Algyroides.
Deze dieren zijn veel schuwer dan eeder genoemde soorten en een “blijf stil zitten”-sessie van een half uur leverde eindelijk nog niet het gewenste resultaat.

De laatste dagen en nachten
Volgens de gelezen boeken moest Zakynthos een eiland vol gecko’s zijn maar die had ik tot dan toe niet gezien. Ik vroeg dus aan een Engelse kroegbaas hoe dat zat, een wanhoopsdaad omdat de vakantie er bijna op zat.
Hij vertelde mij dat die werkelijk overal te vinden waren, dus ik moest nog maar eens kijken. Iedere keer wanneer we langs oude verlichte muurtjes kwamen keek ik maar zag niets. Toen we uiteindelijk in een rockcafeetje terechtkwamen zag ik in de hoek in het cafe een Tarentola Mauretanica zitten, eindelijk!

Terentola mauretanica die zijn interk heeft genomen ín een rockcafé (smaak heeft hij wel)

Ik rende naar huis om de camara te halen en toen bleken er dus wel degelijk vrijwel overal van deze diertjes te zitten, ik had net op de verkeerde momenten gekeken blijkbaar want op al die plaatsen hád ik al gekeken. De dieren zijn meestal bij verlichting te vinden in de nacht omdat ook hun voedsel, Insecten, daar op af komen.
Het dier in hetrockcafe zat pal onder de speaker die werkelijk enorm hard stond maar dat bleek het dier geenszins te deren daar deze er al jaren zat volgens de eigenaar.
Later spotte ik de dieren op veel meer plaatsen, vooral op veranda’s van huizen waarvan u hieronder nog een foto ziet.

Zoals we Tarentola mauretanica vaak zien: bij kunstlicht in de nacht.

Tarentotal mauretanica is een uitgesproken nachtdier dat zich overdag schuilhoud in kieren en spleten in rotsen en muren. Een heel enkele keer zullen zij zich even in de zon wagen om wat energie op te doen.
Het bijzondere van deze dieen is dat zij alleen langs de kust voorkomen, de rede daarvan is mij niet bekend maar heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat het aan de kust ’s nachts minder koud is.
Koudbloedige dieen hebben nu eenmaal omgevings- of zonnewarmte nodig en deze nachtdieren krijgen dus van de zon vrijwel niets. Waarschijnlijk is daarom de kust het meest ideaal.
Hiernaast dus een Gecko op de plaats waar hij meestel wordt gevonden: bij verlichting.
De dag daarna zijn we ons gaan voorbereiden op de terugtocht.
In het appartement naast ons ontstond wat hilariteit en een aantal jonge Nederlandse jongens waren duidelijk bezig met het treiteren van een dier.
Tijd voor mij om poolshoogte te nemen:

Stervende, of bijna dood getreiterde bidsprinkhaan Mantis religiosa

Het bleek om een stervende bidsprinkhaan te gaan, ook dat moest natuurlijk even op de foto. Later bleek dat de baldadige jongen het dier uit de struiken hadden geslagen en ik heb hen natuurlijk duidelijkgemaakt dat het om een onschuldig en ongevaarlijk dier ging dat er echter wél gevaarlijk uitziet. Al met al heb ik redelijk wat soorten kunnen spotten en wat dat betreft was het een geslage trip. Het eiland zelf is echter wel wat eentonig en volledig ontwikkeld voor zon-zee-strand en stap-vakanties.
Nou niet echt een eiland om rustig van de wel degelijk aanwezige natuur te genieten.
Inderdaad is vlak bij het grote uitgaansgebeuren van Zakynthos natuur te vinden en dát vind je niet aan de Spaanse costa’s, daar moet je wat verder. Voor mensen die kennis willen maken met “de Griekse cultuur” verwijs ik eerder naar Rhodos, waarvan ook een verslag op deze site staat.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


*