Franse Alpen 2006

Zomervakantie 2006: Franse Alpen
12 juli tot 1 augustus

De voorbereidingen.
Erg weinig. Mijn vakantie begint op 8 juli en op 9 juli viert mijn vriendin haar verjaardag. Zaterdag zit ik dus nog niet met een vakantiegevoel, net zo min als zondag.
Maandag doen we nog wat inkopen voor de vakantie en moet ik de caravan halen maar moet er eerst (nieuwe regelgeving) een werkend mistachterlicht op zetten. Dinsdag beginnen we met inpakken, moeten de dieren goed worden verzorgd, het konijn brengen we naar mijn ouders en ’s avonds breng ik de relmuizen naar vrienden. En passent herinstalleer ik hun PC nog even.
We weten in ieder geval dat we naar Pont de Vaux gaan en van 16 tot en met 23 juli naar Marlens in de Franse Alpen, verder zien we het wel.

Woensdag 12 juli
Het inpakken duurt toch wat langer dan gepland en na enige twijfel besluiten we toch om 15.45 te vertrekken richting Luxemburg. Het is warm, heel erg warm!
Eergisteren, voor het halen van de caravan, de auto vol benzine gegooid, en bij vertrek op kilometerstand ge-reset; die stond op 151 kilometer.
Onderweg genieten (nou ja) we het avondeten bij een AC restaurant.
De reis verloopt zeer voorspoedig en we komen om 21.40 uur in Mamer aan, 344 kilometer verder.

Camping Mamer, Luxemburg

In Mamer is het, in tegenstelling tot Nederland vochtig warm, het ligt dan ook in een bosgebied, hier is het gras nog redelijk groen. We nemen een biertje, een warme douche en een biertje voor het slapengaan. We raken het bed om 00.30 uur.

Donderdag 13 juli
We vertrekken om 09.45 uur richting Pont de Vaux. Als de teller op 350 kilometer precies staat tanken we 59.55 liter, een verbruik dus van “maar” 1:8,4 een meevaller dus.
Een prima, relaxte rit brengt ons na 782 kilometer in Pont de Vaux waar we drie dagen zullen blijven, het is 16.45 uur.
Het zetten van de caravan gaat goed, het opzetten van de luifel wat minder. Met wat heen-en-weer gemier met scheerlijnen (we hebben er eigenlijk te weinig!) staat deze uiteindelijk toch.
Mijn humeur werd er niet beter van omdat ik er moeilijk tegen kan als er iets, in dit geval dus scheerlijnen, niet te vinden is. Ik besluit dus vrijwel de gehele caravan uit, en weer in te pakken, resultaat: we kunnen weer bewegen en, misschien nog belangrijker, we weten weer waar alles ligt en dus klaart mijn humeur weer een beetje op.
Inmiddels horen we de kikkers en de krekels op de achtergrond, veel duidelijker dan de bands die in het dorp spelen op een festival i.v.m. de quatorze juillet. Het festival zal het hele weekeinde duren!
We eten een Steak Hachee met frietjes en salade op de camping.
Wij bouwen morgen ons eigen feestje, mijn vriendin wordt 30!
We gaan een kajak huren, nemen wat proviand mee en zullen een stukje Reysouze op kajakken.
Het is 22.30 en heel erg vochtig en warm.

vrijdag 14 juli
Na een redelijke nachtrust die enigszins werd verstoord door diep in de nacht douchende mensen die met de deuren sloegen, zijn we bijtijds opgestaan.
Het bestelde stokbrood en onze eigen Nederlandse koffie smaken prima.
Ondanks de aanhoudende hitte (35 graden) was het kajakken een lekker tochtje.

Koeien hebben de koelte van de Reysouze opgezocht en blokkeren het riviertje.

Na een uurtje de Reysouze te zijn opgevaren konden we niet verder door het rundvee dat zich in het riviertje had gesetteld en met foto en videoapparatuur aan boord wilde ik verder geen risico nemen, we gaan terug!

De camping grenst aan de zeer biodiverse rivier "de Saone"

Achteraf maar goed ook want twee uur in de hitte was vermoeiend genoeg!
We brengen de kajak terug en drinken een biertje in het restaurant en spelen bij de caravan een spelletje backgammon, daarna gedoucht en op weg naar Pont de Vaux om uit eten te gaan.
Bijna alles is dicht maar we vonden een hotel/restaurant met een gezellig tuinterras waar we meloen met ham, zalm en dessert hebben gegeten met een lekker flesje wijn.
Teruggekomen op de camping viel mijn vriendin van het caravanopstapje en verzwikte haar enkel heel lelijk, hij was behoorlijk dik en pijnlijk en dus…

Zaterdag 15 juli
Even niets, dat wil zeggen: op de camping gebleven.

Eén van de weinige overgebleven muurhagedissen.

Een kort bezoekje aan de entree van de camping stemde niet echt vrolijk. De oude muur is helemaal aangestuct en de daar vroegen zo massaal voorkomende muurhagedisen zijn, op een paar na, verdwenen. Vroeger dag ik er ook (zwarte) aspisadders (Vipera aspis) die zich in het dichte struikgewas onder de muur verschanste. Het struikgewas heeft echter plaats moeten maken voor een plaat beton dus ook die zullen wel weg zijn.
Het riviertje onder dat onder de brug loopt wat vroeger bebost en lag vol grote stenen, ringslangen waren hier dan ook zeer gewoon, erg vaak gezien.
De bebossing is echter weg en heeft plaats moeten maken voor een geasfalteerd fietspad, ook heel erg jammer. Verder de dag een beetje doorgeluierd.
Ik verwacht morgen een uur of 2,5 a 3 te moeten rijden.

Zondag 16 juli
We zijn aangekomen in Marlens, vanmorgen alles ingepakt en om 10.45 uur vertrokken.
De kilometersand was 811 kilometer.
We hebben 54,35 liter getankt (niet helemaal vol maar aangepast aan de contanten die we op zak hadden: 75 euro.
Later nog een stop gemaakt voor een dubbele hotdog met veel te veel, veel te sterke mosterd maar ook wij hadden nu genoeg brandstof om in Marlens te komen.
Na Bourg-en-Bresse wordt de weg mooier en beginnen we de alpen in te trekken.
Het meer vanAnnecy is erg groot en als we het meer achter ons laten moeten we nog een kilometer of 15.

Heel bekend plaatje van Annecy

Als de teller net geen 1000 kilometer aangeeft (998) staan we op de camping. Het ziet er goed uit: achter ons (westen) geen bergen maar verder omringd door Alpen, we zitten echt in een Alpendal.
De caravan staat inmiddels, we hebben toch weer voor de luifel gekozen want het is bloed-en-bloedheet. Een temperatuurmeter onderweg twijfelde: 36 of 37 graden!
Een kort wandelingetje naar de WC: muurhagedissen, veel!

Gewoon op de vloer, sommige hebben hun intrek genomen onder de betonnen muren, anderen weer zitten in de lege voegen van de stoeptegels.
In en rond het gebouw zitten er minstens 8.
Mijn vriendin’s enkel lijkt iets beter, gelukkig maar. Wanneer het niet snel veel beter gat is het dus maar goed dat Onze vrienden overmorgen komen.
We hebben de macaroni die ik gisteren in Pont de Vaux maakte opgewarmd en dus redelijk gegeten.

maandag 17 juli
Omdat het hier ’s avonds wel goed afkoelt hebben we prima geslapen.
Mijn vriendin kwam op het idee om eerst naar de supermarkt te gaan en dan pas te ontbijten, ook niet zo’n goed idee voor mijn humeur maar dat klaarde na het ontbijt snel weer op.
Tegen het middaguur besloten we de auto te pakken en de omgeving te verkennen.
We rijden via Ugine en worden daar omgeleid de bergen in, prachtig. We nemen de weg richting Chamonix een de voet van de Mont Blanc. Deze berg is onderweg ook al adembenemend.

De weg naar Chamonix, de Mont Blanc is niet te missen

In Chamonix hebben we geparkeerd en wilde het stadje in. Er is een enorme kabelbaan die je tot 3815meter hoogte, oog in oog met de top van de Mont Blanc brengt.
Zo’n tripje daagt je wel uit maar de nog steeds existerende immobiliteit van mijn vriendin alsmede de retourprijs van 36 euro per persoon tempert de euforie heel behoorlijk!
Verder is het een hypermoderne toeristenplaats met eten, drinken en souvenirs, niet iets dat wij zoeken.
We gaan dus terug en hoeven maar 50 eurocent te betalen voor het parkeren.
De terugweg is minsens zo mooi als de heenweg en als we onderweg honger beginnen te krijgen eten we wat, je schaamt je dood, bij Mc.D. Geen verdere uitleg nodig!
Terug op de camping krijgen we weer bezoek van vermoedelijk een woelmuis die driftig een vierkante meter rond zijn domicilie, onder de vlonder van een verhuurtent, afschuimt nar eetbaarheden en nestmateriaal.
We koken weer zelf (kip-tandori), drinken een drankje, spelen een spelletje backgammon, kijken een DVD-tje (we zijn begonnen aan de twee Starwars-trilogieën in chronologische volgorde) en gaan lekker naar bed!

dinsdag 18-7
Mijn vriendin’s enkel gaat nu al veel beter en we rijden nu de andere kant op naar Seyntenex. Die omgeving is behoorlijk attractief en hoewel het oosten vlak lijkt zijn hier ook de Alpen in volle glorie.
We stoppen bij een wel heel moderne abdij. Voor we bij de parkeerplaats aankomen, zien we een abt met een digitale reflexcamera met wat anderen het bos in lopen. We parkeren en komen eerst bij een wereldwinkel waar ook souveniers uit de abdij worden verkocht. We kopen er een gedetailleerde regionale kaart.
Het stikt er binnen van de regendazen (ook wel grauwe daas) en een wespchtig reuzeninsect van een centimeter of 4, ik denk ook een daasachtige (later zal blijken dat het om runderdazen gaat).
Buiten is het “zoemen-om-je-hoofd” van een dusdanig gehalte dat we besluiten even snel een kiekje van de fonkelnieuwe abdij te maken en de auto op te zoeken.
We rijden naar het dorpje Seyntenex waar vlakbij, in het dal een grote waterval met grotten is. Daar angekomen blijken er veel hoogteverschillen en trappen te zijn en ondanks de vlotte genezing van mijn vriendin’s enkel besluiten we dit uitje voor een later tijdstip te bewaren.
We rijden terug en gaan de Col de Tamie op waarop de top (980 meter) een fort ligt.

Podarcis muralis op een muur van Fort de Tamie

Het fort stamt uit 1877 en is gebouwd om de haute savoie te beschermen tegen de Italianen. Tegen de tijd dat het fort was voltooid waren de Italianen en Fransen niet meer in oorlog met als gevolg dat er miljoenen franken zijn verspild maar dat er wel een totaal ongeschonden fort staat!
Rond de 130 jaar oude bunkers, opslagplaatsen en enorme muren is een flink aantal prachtige botanische planten op naam gebracht met als gevolg dat et ook een botanische attractie is (geen tuin, want het is niet aangelegd). De entreeprijs van 2,60 euro is dan ook zer zeker gerechtvaardigd, ondanks dat de enkel weer wat op gaat spelen en we halverwege de poort weer opzoeken.
Een ijskoud, zeer welkom, blikje fris kost ook maar 1 euro, een superprijsje, zeker voor Franse begrippen.
Ook hier, op de muren van de gebouwen, muurhagedissen in overvloed wat duidelijk aangeeft dat het zeer warmteminnende dieren zijn want de temperaturen in de schaduw zijn nog steeds zo rond de 37 graden!
We gaan terug naar de camping en iets na vieren arriveren onze vrienden die we kunnen verwelkomen met een koud drankje.
Terwijl mijn vriendin hun 4 maanden oude baby in bedwang houdt zetten zij de tent op.
We douchen, en drinken bij hun een borreltje.
We hadden nog maar weinig (Duitse) witte rum en hadden vanmorgen hier rum van de Franse Antillen gekocht.
Deze was voor ons niet weg te krijgen… Bah!
Morgen dus maar een flesje Cubaanse halen.

Woensdag 19-7
Een dagje op de camping gebleven, wat gezwommen en wat heen-en-weer gewandeld.

Een prachtig exemplaar van P. muralis

Het barst hier werkelijk van P.muralis die bijna overal waar maar wat steen is te vinden zijn.
Een keer zagen we een exemplaar de boom in lopen, bij het zwembad staat een muurtje waar ik twee dieren uitgebreid met elkaar zag vechten, al kronkelend elkaar vastbijtend door het iets hoger gelegen grasveld rollend De onenigheid was echter snel hersteld toen een van de twee pugilisten de benenwagen naam.
De hagedissen zijn tot een uur van 12 te zien en komen pas na vieren weer tevoorschijn. Het heetst van de dag wordt dus gemeden, het is dan ook nog steeds 37 tot 38 graden en in de zonnestralen kun je een kip grillen!
Het is in bijna heel Europa tropisch. De Nijmeegse vierdaagse is gereduceerd tot de Nijmeegse ééndaagse: afgelast dus, nadat er twee doden vielen de eerste dag.
Donderdag 20 juli
Fijn!
Het is 11.00 uur en het is al 34 graden in de schaduw.
Vandaag erg weinig gedaan, even naar de buurtsuper om barbecue attributen te halen en net onze vrienden gebarbecued, toen naar bed. Vanmiddag nog wel een grauwe daas uit de caravan verwijderd, wat hij overigens niet heeft overleefd!

vrijdag 21 juli
Om 07.15 uur wordt ik wakker van een soort paniekerig gezoem dat ik van gisteren herkende, een grauwe daas die probeert via het dakraampje naar buiten te komen. Helaas zit er een vliegengordijn voor en dus kan hij niet weg!
Ook deze overleeft het niet, hij is dood-gebadmintond, uit de lucht doodgeslagen.
terug in bed kunnen we nog doorslapen tot 09.30 uur.
Na het ontbijt vertrekken we weer naar Seyntenex maar gaan nu de andere kant op richting Col de la Sambuy waar we met een stoeltjeslift heen kunnen.

Prachtige berg: Col de Sambuy

Bovenop een hagedisje, waarschijnlijk Z.vivipara en verder heel veel natuurschoon. Vele vlinder(tje)s, rode mieren, en prachtig bloeiende planten.
Tevens wordt pijnlijk duidelijk dat ook de wintersport zijn sporen op het natuurschoon achterlaat. De zware pistes zij dwars door de begroeiing aangelegd en dat heeft heel erg veel bomen en planten gekost.

Waanzinnig uitzicht.

Weer terug met de lift, we eten een crêpe, drinken wat en gaan terug naar de camping.
Een kort belletje naar huis, en dan tijd voor een biertje.

Zaterdag 22 juli
We hebben besloten maar hier te blijven, veel te heet om te reizen en het is hier prachtig.
Vandaag hier gebleven en er blijken hier ook heel erg veel exemplaren van Z.vivipara te zitten. In de struiken, op het gras is het de levendbarende terwijl de wat kalere stuken worden bewoond door de muurhagedissen.
Achter de camping ligt een open veld met kleine “eilandjes” vegetatie en stenen. Daar vind ik naast de muurhagedissen ook de afgeworpen huid van een slang. Gezien de omgeving moet dat wel haast de huid van Vipera aspis zijn.
Vandaag was het iets koeler, nog tussen de 30 en 34 graden, maar het is uit te houden.
De komende dagen maar eens kijken of ik ook de eigenaar van de huid kan vinden.
Morgen bezoeken we de grot en waterval van Seythenex. Het is een parkje in het bos met een waterval van 30 meter volgens de folder.
Op sommige plaatsen zie je enorme wespachtige vliegen waarvan ik twijfel of wel wespen zijn. Ze hebben meer weg van een grote geel-zwarte daas.
In de folder van Aux rives du soleil in Pont de vaux wordt melding gemaakt van een soort reuzenwesp die steeds meer voorkomt naar het zuiden toe. Hier heb ik er dus al wat gezien. Het is zeker geen hoornaar, die komt trouwens ook gewoon in Nederland voor!
In het Frans heet het dier waar het in de folder om gaat Frelons, thuis maar eens opzoeken of het die dieren zijn (dat blijkt niet zo te zijn: De Frelon is gewoon de hoornaar. De dieren die wij zagen bleken runderdazen te zijn die in de regel mensen niet lastigvallen.

zondag 23 juli
De supermarkten hier zijn zondags ochtend geopend en dus nog even snel de broodnodige zaken gehaald; een fles melk, een bruin brood en een pak vruchtensap, een koopje! 5,50 euro!
We vertrekken naar Seythenex in lopen het park in en moeten ons om 12.05 uur melden bij de grot alwaar we een rondleiding zullen krijgen.

Gladgeschuurde wanden in de grot

Na een metertje of 20 de grot in moeten mijn vriendin en onze vriend terug. De vloer is glad en dat durft mijn vriendin nog niet aan en die vriend van ons draagt zijn dochter op zijn buik maar dat gaat dus ook niet goed.
De rondleiding en de grot stellen maar weinig voor. Het is een buis die door water is uitgesleten en op sommige plaatsen ontstaan kleine stalactieten. Verder is het gewoon een buis!
De waterval in de kloof is echter wel heel erg mooi. Met trappen kan men helemaal bovenaan de waterval komen en via dezelfde trappen weer terug naar de voet van de waterval. Volgens de folder zou deze 30 meter zijn maar ik schat dat er 10 meter vanaf mag maar ik kan mij vergissen.

Zeker geen 30 meter, schat ik in.

Om een uur of twee komen we het parkje uit en drinken wat op het terras.
De bloemen in de bloembakken aldaar worden bezocht door een paar kolibrievlinders en weer probeer ik de dieren enigszins redelijk op de foto te krijgen, iets dat ik in de Ardennen ook al probeerde maar dat mislukte.
Nu gaat het iets beter.
We gaan terug naar de camping, drinken wat, zwemmen wat en eten gezamenlijk met onze vrienden, afhaal van de camping, best redelijk te eten. Ik had kipnuggets met frites, onze vrienden aten steaks en mijn vriendin had een pizza.
Even nakeuvelen en tegen middernacht naar bed.

maandag 24 juli
We besluiten naar Chamonix te gaan en daar te kijken welke lift we nemen naar welke top of gletsjer.
Eerst moet ik tanken en tank 59,5 lier terwijl de teller op 1371 kilometer staat.
We rijden weer naar Chamonix en dan door naar Argentiere waar een kabelbaan naar een gletsjer ligt. Het lijkt ons niets en besluiten toch maar de grote lift naar de aguille du midi, de hoogste en grootste kabelbaan ter wereld die je naar een bergpiek van 3815 meter brengt.
Als sardientjes in een blik worden we in de skilift gepropt, de perspex ramen zijn dusdanig beschadigd dat er doorheen fotograferen vrijwel niet mogelijk is. Het gaat wel in een moordend tempo omhoog (10 meter per seconde) en wanneer het steile gedeelte overgaat in een wat vlakker deel lijkt het wel een rollercoaster-ride. Sensationeel.
Op het tussenstation stappen we over in de tweede lift die ons uiteindelijk naar de Aquille du midi brengt.

Onwaarschijnlijk mooi daarboven.

De ANWB-gids had het over dit tweede deel als een indrukwekkende ervaring waarbij men horizontaal met een gangetje van 5 km per uur over een grote gletsjer kabbelt en waar alleen het geluid van de kabelbaan de ijzige stilte doorbreekt.
Nou, ten eerste jaagt de shuttle over de gletsjer geen met wederom 10 meter per seconde en dat is toch 36 kilometer per uur!
Tevens zitten er meer dan 50 mensen opgepropt in de shuttle die allen bijna niets zien en dus is die ijzige stilte ook erg ver te zoeken.
De rit is dus zijn prijs (36 euro) absoluut niet waard!
Hetgeen erna komt maakt het wel weer een onvergetelijke ervaring.

Aguille du midi, heel knap op 3800 meter hoogte

Een heel groot, labyrintachtig gebouw op de top van de aquille du midi. Allerlei balkons geven ieder een andere kijk op het massif du Mon Blanc.
Kraaiachtge vogels met gele snavels hebben totaal geen angst voor mensen en vliegen vlakbij, gebruik makend van de thermiek.

Alpenkauw

Op de toppen boven ons nestelen ze, barre omstandigheden want nu is de temperatuur uit de zon een graad of 4.
Vele alpinisten besluiten van hieruit te vertrekken en onder ons zien we op de enorme ijszee een tentenkamp en vele wandelende alpinisten. Mijn vriendin bindt een kort gesprekje aan met een Nederlandse die hier vertrekt en 3 pieken gaat beklimmen. Slapen in de ijzige koude, een hele opgave.
De lucht is hier eigenlijk veel te snel, veel te dun geworden en een lichte duizeling overmant velen.
Zelf heb ik er gelukkig niet zo’n last van alleen het heen-en-weer rennen op de diverse trappen doet het ademhalingsritme erg snel oplopen; het herstel gaat gelukkig net zo snel.
Bij vlagen is het helder hier en af en toe is Chamonix (ruim 2000 meter lager) te zien. Een paar seconden later kun je echter alweer volop in de mist zitten.
Na een uurtje heb je het allemaal wel gezien maar moet je nog een uur wachten om naar beneden te kunnen.
Omdat we bij de laatste terugritten zitten worden we helemaal opgepropt en ingepakt, echt niet leuk!
Terug in Chamonix kopen we nog wel een boekje over de tocht en over hoe de toeristische attractie is gebouwd want dat is een op zich al een hele prestatie.
Al met al een tochtje om nooit te vergeten maar de prijs van 36 euro is eigenlijk veel en veel te hoog.
In gedachten keer je dan terug naar de magistrale stoeltjeslift in de Pyreneeën bij de Arcalis waar we maar een fractie betaalde. Maar goed, we hebben wel in de hoogste kabelbaan ter wereld gezeten en dat nemen ze ons niet meer af.

Dinsdag 25 juli
Weer een dagje op de camping gebleven, wederom is het 38 graden en de zon brandt enorm. In de zon is het dan ook niet te houden. s’ Middags is er wat hilariteit t bespeuren. Een blik naar het oosten toont een enorme rookwolk; het grasveld naast de camping staat in brand!
Vanuit de camping wordt de brandweer gebeld.
Schijnbaar heeft een maaimachine het vuur aangewakkerd want ook die machine achter de tractor brandt.
Vrij snel komt de brandweer en het vuur is tijdig geblust; gelukkig want het is werkelijk gortdroog!
Tegen de avond neemt de bewolking toe en in het oosten is de lucht gitzwart. De wind neemt toe en het dreigt nu eindelijk echt noodweer te worden.
De wind neemt dusdanig toe dat we de caravan ontdoen van de luifel en alle spullen in de auto zetten om zo de caravan bewoonbaar te maken.
Het wolkenspel is prachtig. Recht boven ons zien we heel aparte wolken die precies op de rand van het wolkengebied ontstaan. Het lijkt wel of ze zijn geschilderd!
Naar het oosten zien we tegen de zwarte lucht een waterval van geel licht, het lijkt op een stukje regenboog met wat, door de zon, geel verlichte wolken.
Rondom ons bliksemt en dondert het maar regenen doet het niet.
Het verhaal gaat dat in Ugine (9 kilometer verderop) de hagelstenen uit de lucht vallen maar bij ons blijft het de hele nacht droog al koelt het verder aardig af, het is die nacht “maar” 19 graden en we hebben het koud!

woensdag 26 juli
we hebben besloten vandaag een bezoekje te brengen aan Annecy, het zogenaamde “klein Venetië”.
Maar eerst stoppen we nog even bij het “musee mineraux”.
Overal aangeprezen als een mineralenmuseum maar het blijkt gewoon een winkel te zijn van een liefhebber en goudsmid.
Ik koop een hangertje voor mijn vriendin waar rondgeslepen turquoise, parlemoer, onyx en bloedkoraal in zit. Verder is het een leuk maar erg duur winkeltje.
We leuk is, dat alles wat je er koopt uniek is.
Het mooiste waren een aantal enorme amethystgeodes van 90 kilo elk en prachtige tafels, gemaakt uit schijven versteend hout. Deze laatste kosten echter ca. 4000 euro maar jongens wat waren ze mooi.
We zetten koers naar Annecy.
Parkeren gaat gelukkig vrij snel en we lopen de oude binnenstad in. Het is heet, erg heet!
We lopen langs het kanaaltje dat uitmondt in het meer. Daarlangs zijn vele schilderachtige tafereeltjes te zien. Hele oude gebouwen, inclusief een historische gevangenis op “l’ile”.
De stad is gezellig en supertoeristisch, vol barretjes, restaurantjes en terrassen.
Van de weersomslag waar de wereldomroep van sprak is vooralsnog absoluut geen spraken en het blijft heet tot laat in de avond.
We besluiten te eten bij een pizzeria maar dat blijkt achteraf een foute leuze.
We kozen deze omdat het er druk was, dat is meetsla een goed teken maar mijn vriendin vond haar tagliatelle gewoon niet lekker en mijn lasagne was veel te weinig.
Na het eten komen gaan we terug naar een terrasje waar we eerder vanmiddag ook al zaten, het was daar gezellig en de bediening was goed. Daar kunnen we dus ons bakkie doen omdat we daar bij de pizzeria geen zin meer in hadden.
In de stad zijn vele straatartiesten variërend van schilders en karikaturisten tot clowns en verkopers van irritante fluitjes. Het is een leuke stad, absoluut.
Terug op in Marlens drinken we nog een borrel met onze vrienden en gaan naar bed.

Donderdag 27 juli
Weinig opzienbarend, we willen ook een keer het meer van Annecy in en zoeken dus een paats bij Menthon.
We springen een keer in het 26 graden warme water, nestelen ons op het grasveld, verkassen een keer naar een plaats onder de bomen en liggen zo een beetje te niksen tot een uur of half vier.
De boom waar we onder liggen heeft wel een hele aparte takkenstructuur. Deze lijken in elkaar gegroeid te zijn, heel apart.
We gaan terug naar de camping en gaan met de buren, die samen iedere avond wielrennen, de col in Marlens op om wat foto’s te maken. Een hele klim en een hele prestatie.
Al snel wordt het te donker om te fotograferen en wij keren terug terwijl de sporters doorfietsen naar de top die op 1081 meter ligt. Als we terugrijden zien we op de top enorme bliksems en denken meteen aan de twee fietsers. Later komen zij toch ongedeerd terug, gelukkig.
Het gaat wat regenen en het onweert wat. We gaan met de buren een afzakkertje halen in het cafeetje van de camping, dan is het al gauw weer bedtijd.

Vrijdag 28 juli
We besluiten dezelfde col als die van gisterenavond te rijden, het was er mooi en we willen verder.
Vanaf de top dalen we af en nemen de afslag naar Thones. Omdat mijn vriendin graag nog naar Annecy wil rijden we vanaf Thones die kant op. Parkeren blijkt echter vrijwel onmogelijk en rijden in Annecy is, als je zoekende bent, een drama.
We besluiten Annecy te laten voor wat het is en besluiten naar Lovagny te rijden, naar de Gorges du Fier.
De Fier is normaal gesproken een klein stroompje dat dwars door de rotsen bij Lovagny loopt. Het heeft daar een kloof uitgesleten zie zo mooi is dat er een toeristische attractie omheen is gebouwd. Fantastisch mooi!

Gorges du fier

Op 25 meter boven het watertje is tegen de rotswand een wandelpad aangelegd. Beneden stroomt de Fier. Het deed wat denken aan de canon die ik in Ecuador bezocht al was die nog meer adembenemend omdat de wanden volledig waren begroeid.

Gorges du fier

Hier is dat schier onmogelijk omdat de Fier geregeld in extreme maten uit zijn oevers treedt. Het water was nu misschien een klein metertje hoog maar kan hoogten bereiken van meer dan 26 meter en dan staat dus de hele kloof vol water.
Het was absoluut een prachtige wandeling.

Gorges du fier, prachtige begroeiing

We moeten weer terug maar snijden een dusdanig stuk af dan we niet weer door heel Annecy hoeven; via Seynod.
Er is wat file in de stad maar dan raken we het meer van Annecy weer. De standen liggen er vol maar in de verte (de bergen waar wij heen moeten) zijn gitzwart en de kolommen met regen zie je in de verte vallen.
Na 15 minuten rijden zitten we in de stromende regen, voor het eerst, en nadat we eerst wat boodschappen deden kwamen we de camping op.
Onze vrienden hadden de luifel afgebroken en laten hangen ivm. mogelijke storm en hadden de ramen gesloten.

Prachtige, dreigende Mammatus-wolken

We improviseren even wat en gaan verhaal halen. Het heeft hier dus de hele middag geregend!
Niemand geloofd ons als we zeggen dat we de hele dag prachtig heet weer hebben gehad.
Hier is het inmiddels wel afgekoeld tot een graad of 16!
Koud!
Het is ook opgehouden met regenen en we zetten de luifel dus weer op, toch wel gemakkelijk.
Langzaam wordt het helemaal helder en de keuze om de luifel weer op te zetten was dus de juiste.
We borrelen wat in de caravan en gaan laats slapen, mede door extreem luidruchtige buren en Franse hangjongeren die zaterdags de entree van de camping zien als een toevluchtsoord. Met knetterende brommertjes rijden ze tot diep in de nacht af en aan.

zaterdag 29 juli
We gaan naar Menthon St Bernard waar we het kasteel bezoeken.
Het kasteel is nog in ongeschonden staat en is al vanaf het jaar 1008 in handen van dezelfde familie.
We worden middels een soort toneelstuk rondgeleid door de voor het publiek opengestelde delen.
Buiten wemelt het van de muurhagedissen, zoals zo vaak op oude muren.
Het uitzicht vanaf het kasteel op het meer van Annecy is overigens formidabel.
De St. Bernardshond heeft overigens aan deze plaats zijn naam te danken.
We gaan terug naar de camping via Thones, gewoon een prachtig stukje om!
We komen ca 4 uur terug en drinken wat voordat we om ca middernacht naar bed gaan

Zondag 30 juli
We besluiten rustig aan de caravan en auto voor het vertrek morgen klaar te maken.
Laatste wapenfeit is dat we tijdens een van de vele rustpauzes er iets op het grondzeil sprong, het enige dat we bemerkten was een plof op het grondzeil. We zagen niets, er moest dus iets onder de caravan zitten.
Het bleek een wezeltje die even later van de caravan naar de auto hupte.
s’ Avonds eten we met onze vrienden; onze laatste maaltijd in Marlens.
Een lekker glaasje wijn en een pilsje na, morgen naar huis!

Maandag 31 juli
We vertrekken rond 10.125 uur van de camping en op kilometerstand 1968 tank ik nog 59 liter, de tank zit vol.
Het eerste deel van de reis verloopt prima ma als we eenmaal op de peage zitten staat er op een bord dat de tunnel is gesloten. We staan 5 uur vrijwel stil.
Iedereen heeft zijn auto verlaten en doolt over het torenhoge viaduct nabij Nantua.
Tegen de bergwand aan zie ik prachtige vlinders die zich tegoed doen aan wat de kleine berenklauw te bieden heeft, een vlugge foto nog, dus.
Aan de andere kant van de snelweg ligt het groene en moerassige le lac, ik kan alleen maar gissen naar wat zich daar bevind. Om half vier kunnen we eindelijk weer verder.
De rest van de reis gaat zo voorspoedig dat ik vermoed dat we thuis waren geweest als er geen file was.
Even voor Nancy tank ik nog 25 liter en in Nancy vinden we een goede camping.genaamd Brabois. Een nieuwe voor de toekomstige reizen, prima sanitair en rust en bovendien niet duur.
Morgen weer thuis!

Dinsdag 1 augustus
Het regent pijpenstelen en we zijn ons bewust dat we op het goede moment zijn vertrokken. De verdere reis verloopt uitstekend en vroeg in de avond zijn we weer thuis. Ook wel weer lekker.
Het zit er weer op, en nu maar wachten op de volgende reis die waarschijnlijk in december zal gaan plaatsvinden. In ieder geval naar warmere oorden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


*