Lesbos 2007

Lesbos
3 juli tot 10 juli 2007

Inleiding
Nadat we eerder Rhodos en Zakynthos bezochten is het volgende Griekse eiland aan de beurt.
Griekenland bezit meer dan 700 bewoonde eilanden en meer dan duizend eilanden als e kleine onbewoonde eilandjes worden meegerekend.
De eilanden liggen voor een groot deel in de Egeïsche zee maar ook voor de kust van Albanië en de Peleponnesos liggen de nodige eilanden.
Door de enorme geografische spreiding is de ontstaansgeschiedenis van vrijwel ieder eiland anders en dus ook de bodem. Daarnaast is de Enorme klimatologische diversiteit er debet aan dat vrijwel ieder eiland zijn eigen karakteristieke uitstraling heeft en vrijwel geen twee eilanden hetzelfde lijken.
Rhodos was een eiland waar we in het voorjaar nog erg graag naartoe zouden willen maar niet meer in hoogzomer. Tevens is de diversiteit aan te vinden reptielen aanmerkelijk lager dan op Lesvos.
Zakynthos levert een enorme diversiteit aan halskraaghagedissen én er zouden enorm veel slangen zitten (wat ook wel bleek aan de platgereden dieren die wij zagen) op maar de sfeer op het eiland is niet de onze.
Wat dat betreft komt Corfu dan nog wel in aanmerking maar daar gingen gewoon geen betaalbare lastminutes naartoe dus was het uiteindelijk lesbos geworden.
Vooraf moet ik de webmaster va www.home.zonnet.nl/lesvos Nog even complimenteren met zijn website die vooraf heel erg veel informatie verschafte.

Eigenlijk zouden we dit jaar thuis blijven om de tuin op te knappen maar helaas (?) de weersvoorspellingen in Nederland voor de komende week waren dusdanig slecht dat de tuin opknappen bijna niet mogelijk is.
Drie dagen geleden hebben we dus een last-minute geboekt naar Lesvos, een warm en groen Grieks eiland.
Hopelijk krijg ik bier nog wat reptielen te zien maar die kans is vrij gering omdat de temperaturen hier in de zomer dusdanig hoog zijn dat vele dieren zich tegoed doen aan een zomerslaap, een euvel dat ook op Rhodos van toepassing was.
Voordat wij arriveerden was er een enorme hittegolf geweest op dit eiland met temperaturen van ruim boven de veertig graden. Daarnaast zijn de wintermaanden januari en februari hier doorgaans zeer nat, waardoor het eiland zo groen en vruchtbaar is, maar dit jaar is er in die maanden nauwelijks wat gevallen. De natuur heeft dus een behoorlijke duw gehad.
Op internet blijkt dat er wél erg veel soorten reptielen en amfibieën voorkomen, waaronder land- en moerasschildpadden, vele hagedissen, wel 11 soorten slangen, boomkikkers en nog veel meer (zie dierenlijst)

Vertrek en de eerste dag
2 en 3 juli

Ons vliegtuig vertrekt om tien over zeven, op 3 juli en dus moeten we in de nacht richting Schiphol vertrekken.
De dag daaraan vooraf gaande hebben we natuurlijk onze spullen gepakt, het huis wat aan kant gemaakt en natuurlijk de kwekerij een forse onderhouds- en voedingsbeurt gegeven.

Aankomst op Lesbos

Het vertrek en de aankomst liepen bijna ideaal; geen vertragingen of ziektes (zoals dat de vorige keren geregeld wel het geval was). Sterker nog: we kwamen een half uur vroeger dan gepland aan op Lesvos. De transfer naar Appartement Anna Maria in Petra duurde ca. Anderhalf uur.
We betrekken een klein appartementje dat echter ruim in onze behoeften voorziet: een goede douche en een lekker bed, een goede koelkast en de mogelijkheid om zelf te koken.
Na het uitpakken van de koffers lopen we even door het complexje heen waar een mooi zwembad ligt. Het water echter lijkt wel badwater: zeker meer dan 25 graden, maar dat kan ook niet anders met de temperaturen die heer heerste. Nu is het ideaal weer: ik schat een graad of dertig (ik ben de thermometer vergeten) met een lekker briesje van zee en volop zon.
We eten een heerlijke salade en drinken een paar drankjes en maken kennis met een stel dat gelijk met ons is aangekomen.
Daarna vertrekken we richting centrum van het stadje en veel pittoresker kun je het niet krijgen!
We kopen twee landkaarten voor de in te tekenen routes, informeren bij een scooterverhuurbedrijf en kopen een paar dingetjes bij een juwelier annex houtsnijder.
Als we hebben besloten waar we willen gaan eten blijkt het stel er ook te zitten en we schuiven aan. We eten met z`n vieren gezellig en krijgen van de eigenaar nog een ouzo en fruitschaaltje toe. Nadat we zij uitgenodigd voor een Griekse avond aanstaande donderdag en de hele lage rekening hebben betaald doen we wat inkopen bij de supermarkt en gaan naar het appartement om een laatste borreltje te drinken en deze woordjes te tikken.
Het ziet er goed uit!

Zonsondergang in Petra

 

4 juli, woensdag
Ik werd vanmorgen gewekt door het kwaken van de kikkers die ergens in het weiland aan de achterkant van het appartement zitten. s´avonds is het ook een kakofonie van dierengeluiden waaronder natuurlijk veel verschillende soorten cicaden.
We zijn opgestaan en hebben een cracker met kaas gegeten en om 09.00 uur was de reisleidster hier om het één en ander te vertellen over Lesvos.
Gelukkig deed zij dit op een heel leuke, informele manier en het was dus gewoon een gezellige ochtend.
We hebben dus ook voor morgen en overmorgen twee scooters gehuurd en voor de tweedagen daarna een kleine terreinwagen.
Daarna zijn we naar de stad gelopen om een paar boodschappen te kopen en zijn aan het zwembad gaan liggen nadat we eerst weer even van een heerlijke Griekse salade met tzaziki en brood hadden genoten. Net als gisteren kregen we ook weer fruit na (gratis, net als gisteren in het restaurant)
Het afrekenen was ook een verhaal apart. Omdat we gisteren niemand meer konden vinden om af te rekenen deden we dat ook vandaag waarop de eigenaresse vroeg wat we gisteren ook al weer hadden gehad.
Na het afrekenen kregen we nog wat abrikozen mee uit eigen tuin voor in het appartement.
Vandaag rusten we nog wat en wennen aan het erg warme maar zeer aangename klimaat.

Het weitje voor het appartement staat helemaal vol met bloemen en daarop zijn ontelbare vlinders te vinden in alle soorten en maten. Vooral de blauwtjes zijn geweldig mooi.

Verder barst het hier van de zwaluwen die, net als op rhodos destijds over het zwembad scheren om wat water uit het zwembad te drinken.
Verder zijn ze vaak boven eerder genoemd vlinderveld te zien waar zij waarschijnlijk vlinders vangen.
Zwaluwen kunnen zich op de grond niet of nauwelijks voortbewegen en ze vangen hun prooien dan ook vliegend, ze zijn dan ook zeer snel en behendig.
Op de elektriciteitsleidingen zitten ze geregeld in grotere groepen te rusten.
Om ca 1700 naar het appartement gegaan en even gedoucht, daarna naar het stadje gelopen. op een heel gezellig terrasje hebben we een mixed Grill voor twee gegeten met een half litertje water en een half litertje wijn, tzatziki en een kopje koffie na voor iets meer dan 20 euro!
In bijna alle restaurants barst het van de verwilderde katten, mooie slanke diertjes die gevallen en geschonken etensresten dankbaar in ontvangst nemen. Een vreemde kat die op het terras kwam opdagen werd niet gewaardeerd en door twee vaste gasten (katten, welteverstaan) krijsend weggejaagd.

Zwaluwennest in Petra

In het stadje hangen op vele muren nesten van de zwaluwen die we overal zien. De nesten zijn nog met jongen bezet die op het punt van uitvliegen staan maar vooralsnog wachten ze geduldig op hun ouders die op gezette tijden voer komen brengen.

De zonsondergang is weer geweldig mooi met de twee eilandjes contrasterend in het rustige zeewater op de voorgrond.
Op de terugweg horen we naast de weg een kikker, natuurlijk willen we even kijken maar tot onze verbazing zit er een Caspische beekschildpad (Mauremisch caspica) in een klein slootje. Het is er aardedonker en fotograferen gaat dus niet helemaal geweldig maar het dier staat er toch op.

een blauwtje

Terug op het appartement blijken de scooters al gebracht te zijn, morgen maar even kijken hoe we dat financieel en verzekeringstechnisch moeten regelen.
’s Avonds zitten we lekker op het balkonnetje muggen weg te meppen om ondertussen af en toe te schrikken van een langsscherende vleermuis.

Baltsende vlinders

Ik dacht mijn verhaaltje klaar te hebben voor vandaag maar toen ik dacht de buren te horen die misschien meer konden weten van de geleverde scooters liep ik even naar buiten. De buren waren het niet maar ik zag wel wat Tjitjaks (Hemidactylus turcicus) over de overigens onverlichte muur lopen. De dieren zaten te ver weg om goed op de foto te kunnen zetten maar een gebouwtje verderop gaf beter resultaat: het dier zat wat dichterbij op een toch wel wat verlichte muur.

Hemidactylus turcicus

Op éen dag zonder moeite tóch twee soorten.
Donderdag 5 juli
Scooterdag!

‘s morgens om half negen konden we de scooters in ontvangst nemen. We ontbeten snel en pakten onze rugzakken in.
We besloten naar Scala Kallonis te rijden. Omdat je daar op twee manieren kunt komen kun je dus als het ware een rondje rijden.
We vertrokken eerst naar het westen richting Anaxos om van daar verder te rijden naar Skoutaros.
De weg buigt dan verder af naar het zuiden en we komen door Moni Leimonos waar een groot terrein ligt met daarop een 17e eeuws klooster. Om het klooster staan tientallen kleine kappelletjes die door de monniken van het grote klooster worden gebouwd. Sommigen hebben het over meer dan honderd, anderen over ca. 60 kapellen, ik houd het op enkele tientallen.
Het klooster is erg fraai en de in het zwart geklede monniken moeten het wel vreselijk warm hebben.
Het leven in het klooster lijkt heel erg armoedig, gezien de celletjes waar de monniken wonen (we mochten er niet in kijken.)

Mauremys caspicus, midden in de stad

De ligging van het klooster is geweldig en in het voor- en najaar zal het er best wemelen van de hagedissen maar in de verzengende hitte van vandaag is er wat dat betreft helemaal niets te zien.
Ook als je, net als ik, niets geeft om kloosters en kerken kun je je er geen buil aan vallen want opvallend is wel dat ondanks het feit dat het hier een behoorlijk toeristisch gebeuren is, de prijzen bijzonder laag zijn wat betreft eten en drinken en er wordt geen entree gevraagd.
Overigens is het middenterrein van het klooster allen toegankelijk voor mannen wegens een oude, 17e eeuwse traditie.
Na het kloosterbezoek eten we nog wat en rijden verder naar Skala Kallonis.
Dit is een toeristendorpje op het noordelijkste punt van de grote baai. We rijden er in en merken al snel dat er voor ons niet veel te vinden is en we rijden dus snel weer weg om via de oostelijke route terug naar Petra te rijden.
Onderweg stoppen we nog een keer bij een parkeerplaatje zoals die er op dit eiland wel meer staan. Een overdekt plaatsje waar je kunt zitten.
Het plaatsje dat we uitzochten geeft een mooi uitzicht over de bergen. De vegetatie is hier erg dor en het geheel oogt bijna steppeachtig. Het is duidelijk dat het hier al een tijd erg droog is.
Verder rijden we in één stuk door om ook voor het heetst van de dag terug te zijn.
Bij terugkomst hebben we een drankje op het terras van het appartement genomen en is Judith even gaan liggen want die had de hele nacht niet geslapen.
Ik ben op het terras gebleven en heb het één en ander opgezocht over de dieren die hier voor zouden (kunnen) komen.
Daarna hebben we gedoucht en zijn we met de scooter naar Molivos gereden, 5 km. Ten oosten van Petra.
We zijn eerst naar de ruïne gereden die op de top van de berg ligt maar deze was gesloten; er wordt voor 2.2 miljoen euro aan gerestaureerd!
Even een snelle panoramafoto en weer terug.
Leuk detail:
Vlak voor we terug reden rijdt voor ons een gehuurde Nissan Micra achteruit en knalt met de achterkant van de wagen tegen een muurtje aan, en hard!
De auto wordt weer vooruit gezet en een hele familie, ik geloof wel 5 of 6 man, komt de schade bekijken. De bestuurder bleek een orthodoxe priester te zij met waarschijnlijk zijn familie, want later hoorden we dat orthodoxe priester wel mogen trouwen.
De dames die uit de auto kwamen waren normaal, modern gekleed met korte zomerkleding.
Het was wel een leuk gezicht.
Na het ruïnebezoek vertrokken we naar het stadje Molivos zelf. Het is een lange weg die uiteindelijk dood loopt en op het einde zó stijl dat we heel erg voorzichtig moesten zijn met het terugrijden.
Uiteindelijk hebben we de scooters geparkeerd bij de vissershaven en hebben een restaurantje uitgezocht om vis te eten.
We besloten tonijn te bestellen en Judith werd naar binnen geroepen om een vis uit te zoeken. De vis wordt per kilo betaald dus de uitgekozen vis wordt gewogen, in tweeën gesneden en gegrild. Het smaakte geweldig!
Daarna zijn we teruggereden en stopten nog even bij het watertje waar ik de beekschildpad zag.

Rana ridibunda, meerkikker

Die zat er nu niet maar wél een hele grote Rana redibunda, zeker 11 cm. Groot en erg mooi getekend. Verder gereden naar het appartement waar we ons met de andere Nederlanders en Belgen op het terras begeven alwaar we wat ervaringen uitwisselden, een borreltje dronken en dus een hele gezellige avond hadden die pas tegen enen eindigde.

Koninginnepage (Papilio machaon)

 

Wat mij van vandaag het meeste is bijgebleven is de enorme hoeveelheid vlinders die je op de vlinderstruiken tegenkomt onderweg en je ontkomt er bijna niet aan er een stel dood te rijden omdat ze tegen je aan vliegen.
Verder blijven de gecko’s op het appartementencomplex altijd leuk en ook daar heb ik nog wat plaatjes kunnen schieten.

Vrijdag 6 juli
Scooterdag 2.

We rijden vandaag om Lepitimnos, de bijna 1 km. Hoge berg achter ons. Eerst pakken we de zuidelijke weg en, mij kennende, stoppen bij iedere vorm van het spaarzaam voorkomende zoete water.
Uiteindelijk stoppen we bij een bergbeekje waar ik het bos in loop. Tientallen groene kikkers schieten plotseling weg maar verder zie ik niets.
Ik steek de straat over en kijk waar het stroompje verder loopt. Op een rotsblok ligt tot mijn grote vreugde een ringslang te zonnen en ik zorg snel uit het zicht van het dier te komen.

Libelle aan het water

Omdat de slang zeker 5 meter lager lag (ik heb hem met de verrekijker kunnen bekijken) moest ik een andere lens op de camera zetten en toen die eenmaal zat was het beestje hem gevlogen (waarschijnlijk gekropen overigens).
Daar baal je dan wel even van, zeker omdat het een heel ander type ringslang is dan wij op het europese vasteland kennen, maar we hebben nog een paar dagen en ik weet waar ze te vinden zijn.
Vlak bij Kapi zien we aan onze rechterhand in een uiterst dor landschap een soort groene oase liggen: Een grote vijver met grasachtige lage beplanting rondom en daaromheen heideachtige planten en heel veel munt (het ruikt er écht naar pepermunt.)
Als we de vijver naderen springen werkelijk vele tientallen kleine kikkertjes weg, geen R. Ridibunda maar één van de nieuwe soorten van het R.esculenta complex.
Het zijn bijna allemaal tweedejaars diertjes van een centimeter of 5, of zou het gewoon een kleinere soort zijn?

Biotoop vol schildpadden en kikkers

Veel leuker wordt het als we over het wateroppervlak kijken: overal zie je kopjes uit het water steken die even later weer verdwijnen en al heel snel blijkt dat hier dus heel veel Caspische beekschildpadden zitten.
Judith loopt vooruit en ziet er één op het land waar ik hele mooie foto’s van kan maken.
Verder springen de kikkers overal voor je voeten weg en je vraagt je af waar deze dieren in deze getale van moeten leven.

Zwemmende kaspische waterschildpad (Mauremys caspicus)

Aan de zuidzijde van het vijvertje wordt dat vrij duidelijk. Het barst van de vliegende insecten.
Opvallend is hier wel dat de beekschildpad, die op het vaste land van Europa zo zeldzaam is, hier zo vreselijk veel voorkomt want ook dit vijvertje zit er helemaal vol mee.

Zonnende waterschildpad (Mauremys caspicus)

Ik pak de camera weer in en we gaan verder.
We rijden verder over de goede maar erg bergachtige weg richting Skala Sikamnias, een afgelegen kustdorpje in het noorden. De weg er naartoe loopt bijna loodrecht naar beneden en ik zit inmiddels bijna zonder benzine.
Het is een uiterst klein maar toeristisch dorpje dat verder bijna alleen maar restaurantjes kent en of het hotels of appartementen zijn waag ik te betwijfelen.
We vragen de kelner die ons bediend waar ik kan tanken en deze zegt dat dat alleen in Molivos kan en dat is te ver, dat red ik dus niet. Gelukkig brengt een tweede kelner uitkomst: 6 kilometer verderop is een tankstation, bijna loodrecht omhoog dus, daar rijden we heen en de stress is weer weg.
We rijden nu langs de noordelijke kant van de berg en die is aanmerkelijk groener met veel eikenbomen. Onderweg zie ik 2 overreden vossen liggen, die komen hier dus ook veel voor.
Op de noordkant stoppen we één keer vlak voor Molivos op een jagerspad. Dit terrein herbergt de zandadder maar er is, door de warmte, niets te vinden. Het terrein is wel mooi en in het voorjaar vermoed ik heel interessant voor reptielenliefhebbers.
Na de tocht hebben we ons even opgefrist en zijn naar Molivos gegaan om nogmaals uit eten te gaan. Tegen de tijd dat het donker was waren we terug en hebben ons op het balkon genesteld met een lekker drankje en waar ik weer even de tijd heb om dit stukje te tikken.
Morgen krijgen we de terreinwagen voor twee dagen en liggen er andere afstanden in het verschiet.

Zaterdag 7 juli
Om half negen in de ochtend komt het autoverhuurbedrijf de autosleutels brengen en kunnen wat meer kilometers overbruggen.
We rijden een deel van een route die we van de autoverhuurders hebben gekregen.

Biotoop vol moerasschildpadden (2 soorten!)

De eerste stop is bij een watertje dat vergeven zou zijn van de waterschildpadden en dat klopte. De waterschildpadden hier zijn net eenden die zitten te wachten op mensen die brood komen voeren.

Onwaarschijnlijk veel shildpadden

Constant kijken zij naar boven of eer iets te halen is. Judith gooit wat stukjes verkade zoutjes naar beneden en deze worden dan ook gulzig verorberd.

Mauremys caspicus (zwemmend)

Overigens blijken zowel Emys orbicularis en Mauremys caspicus hier door elkaar heen voor te komen, als is laatstgenoemde wel in de absolute meerderheid.

Emys orbicularis (europese moerasschildpad)

Aan de andere kant van het bruggetje is het aanmerkelijk rustiger wat schildpadden betreft maar daar zit wél één E. orbicularis.
Het verschil tussen de twee is heel duidelijk te zien. Ten eerste heeft Mauremys caspicus strepen op zijn hals en is de kop vij egaal gekleurd. Emys orbicularis daarentegen heeft een hele fijne vlektekening op de kop en de hals.
Ten tweede heeft Emys orbicularis heel mooie gele streepjes op het schild, als zonnestralen bijna, terwijl de Caspische broer een veel effener schild heeft.

Prachtige paarse libelle

Vrij wonderlijk eigenlijk dat de minst exotische vorm van twee nauwverwanten het mooist is.
Heel euforisch een paar dagen gelden om in de nacht een waterschildpad in het wild tegen te komen, nu een heel stroompje vol, en er zullen er best meer volgen.
We rijden verder en na wat gegeten te hebben onderweg besluiten we naar Mount Olympos te gaan, een stijle rots van 968 meter hoog die wél overal bovenuit toornt.

Lacerta trilineata is zeer schuw en alleen met een telelens te fotograferen

Als we hoger komen wordt het koeler en gaat het harder waaien en zowaar: ondanks de verzengende hitte sprint er een Lacerta trilineata over de weg. Tegen de tijd dat ik de camera heb is het dier hem al gesmeerd.
Een paar tientallen meters verderop hetzelfde (ook een mannetje) maar nu besluit is een poging te wagen vanuit de auto, de dieren zijn zeer schuw en schrikachtig.
Ik kan twee enigszins gelukte foto’s maken van een meter of 30 afstand, gelukkig heb ik de 300mm. Lens standaard gemonteerd.
De weg naar boven vereist een 4WD en die hebben we gelukkig ook. Het is een onwaarschijnlijk slechte weg met scheuren en gaten en sommige stukken zijn helemaal niet verhard maar vaak beter dat de (ooit) verharde stukken.
Bovenop een fantastisch uitzicht en heel veel wind. Op de top staat een oude zend installatie waar wij één persoon aan het werk zagen. Er stond ook maar 1 auto.
Terug is zo mogelijk een nog hachelijkere onderneming: bijna geen vangrails en een afgrond naast het hobbelige, een nauwelijks éénbaans zandweggetje en een afgrond van dus bijna 1 kilometer.
Op de terugweg vinden we geen dieren meer maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we ook deze vakantie erg weinig puf hebben om een flink stuk te wandelen in de volle zon en immense hitte.
We willen verder naar het zuiden maar onze plannen worden vrij wreed verstoord.
Bergop klapt een scooterrijder, die dus bergafwaarts rijdt, enorm hard op de grond, vlak voor onze neus. We stoppen natuurlijk onmiddellijk en de man heeft een enorme schaafwond op zijn schouder, een forse wond boven zijn ook en zijn rechterpols wordt steeds dikker.
Hij is verheugd te horen dat wij ook Nederlanders zijn en hij geeft aan zich niet goed te voelen.
Inmiddels zijn er ook een aantal Grieken gestopt en we zetten hem in de schaduw en maken zijn wonden schoon. Gelukkige heeft één van de Grieken een pleister en het eerste bloeden is gestopt.
Na een half uurtje voelt de man zich beter maar is niet meer echt in staat om de berg af te rijden.
Zijn vriendin was vooruit gereden dus besluiten we hem mee te nemen in de auto naar de plaats waar ijn vriendin wacht.
Daar spreken we af dat wij haar weer terug naar boven rijden om de scooterr op te halen.
Zo gezegd, zo gedaan.
Terug bij het cafeetje waar hij wacht drinken we wat en bieden ze ons aan mee te gaan naar hun appartement in een volstrekt a-touristisch plaatsje maar eerst moeten we nog even naar de plataan bij het café want daarin heeft een schilder jarenlang gewoond. Iets dat in geen enkele reisgids staat, de plaats, hoe kan het ook anders: Platanos.
Wij gaan mee, en terwijl de man meerijdt, rijdt zijn vriendin met haar scooter vooruit.
(Zijn scooter was behoorlijk gehavend en is op de parkeerplaats van het cafeetje gezet.)
Eerst stoppen we even bij de plaatselijke arts die zijn wonden wat professioneler schoonmaakt, de arts zelf is op visite dus moet die eerst worden gebeld.
We gaan dus naar hun appartement wat er geweldig uit zag. Ze vroegen ons de nacht over te blijven maar zonder schone kleding, toiletartikelen en mensen in ons appartement die niet weten waar we zitten besluiten we toch naar Petra terug te rijden. We wisselen onze adressen uit en de man gaat met zijn kennis naar de arts.
We gaan dus pas tegen half acht weer richting Petra en de dag is iets anders gelopen dan we hadden verwacht maar tóch wel gezellig en een voldaan idee om iemand van dienst te zijn geweest.
Pas laat zijn we klaar om te gaan eten, ik denk dat het ca. 2200 uur was en het eten was nog vrij slecht ook!
Het is overigens koud deze avond.
Terug naar het appartement en slapen, morgen weer een ritje.

Zondag 8 juli.
We komen deze ochtend erg slecht op gang en gaan dan ook pas vrij laat weg, eigenlijk zonder echt plan. We rijden in ieder geval eerst de noordelijke route en stoppen weet waar ik eerder de Natrix natrix caspicus zag maar niets…
Judith wil even een bezoekje brengen aan de kerk van de heilige Michael, een masker dat van bloed en klei gemaakt zou zijn.
Dan besluiten we de oostelijke kustweg te rijden maar en naar het Romeinse Aquaduct in Moira te rijden.
Leuk om even te zien maar verder eigenlijk helemaal niets bijzonders. Het kleine poeltje water dat er onder ligt is leeg.
Terug door het uiterst nauwe Moira, de kustweg weer op en niet wetende waarheen te rijden. Het is weer verschrikkelijk warm en we hebben er eigenlijk een beetje genoeg van.
We gaan terug richting Petra en op de weg van Kallonis naar Petra stoppen we bij het parkeerplaatsje waar we ook te eerste scooterdag stopten. Hier is eindelijk weer een verkoelend windje en we knappen weer wat op. Na een half uurtje hebben we toch weer zin wat te ondernemen en rijden naar Molivos alwaar een zandweg langs de kust loopt. Hiervoor is eigenlijk ook een vierwiel aangedreven autootje geen overbodige luxe dus dat komt mooi uit. Het is een hele leuke, korte rit door bijna onbewoond gebied, op wat badende Grieken (het is immers zondag) na dan.
Aan het einde drinken we wat en hebben nog even een gezellig onderonsje met een engels gezin dat de komende 2 jaar op Lebos woont.

Natrix tesselata (dobbelsteenslang) zonnend op een steen.

We rijden weer stijl omhoog te bergen in en stoppen nog één keer bij het “slangenwatertje” waar ik weer de Caspische ringslang mis maar wel een dobbelsteenslang, Natrix tesselata vindt!

Natrix tesselata zwemmend

Ik kan het dier rustig op de foto zetten, bijna in één shot met een Europese moerasschildpad, vrij uniek.
Verder zien we weer wat vreemde insecten en gaan weer verder.

Natrix tesselata met geopende bek

We nemen de afslag naar Petri maar Petri blijkt geheel éénrichtingsverkeer te zijn en natuurlijk komen wij aan de verkeerde kant binnen.
Dat betekent dan ook dat je de hele berg weer af moet en de andere kant weer op en daar hebben we geen zin in. We besluiten dan ook niet meer naar Petri te rijden.
Het weggetje waar we rijden staat overigens op niet één kaart maar geeft wel een prachtig uitzicht over de valei waarin Petra ligt.
We gaan naar huis. Douchen eten, dit even tikken en naar bed.
Morgen geen auto meer en waarschijnlijk nog één dagje uitrusten en vakantie houden zoals de meeste mensen dat doen, aan het zwembad met een drankje.
Morgen is de kans dus vrij klein dat ik nog wat waarneem maar het lijstje is helemaal zo gek nog niet gezien de verzengende hitte van deze ene week.
7 soorten reptielen en amfibieën waargenomen, waarvan 6 op de foto: Rana redibunda, Rana ssp. Esculenta ,Natrix natrix caspicus, Natrix tesselata, Emys orbicularis, Mauremis caspicus en Podarcis trilineata.
Niet slecht voor een tussendoortje van een paar dagen in de hitte.

Nawoord:
Lesvos is zeker een plaats om reptielen en amfibieën te spotten. Behoudens de waterminnende dieren is er echter in hoogzomer niet veel te vinden omdat de dieren in zomerrust zijn of omdat de dieren hun activiteiten hebben verplaatst naar de nacht.
Een paar dieren zijn in de zomer wel op wat koelere locaties te vinden maar het is zoeken naar een naald in een hooiberg.
Het voorjaar daarentegen lijkt uitermate interessant en staat dus ook op de lijst voor misschien wel aankomende meivakantie.
Medebewoners van ons appartement hebben echter wel een schildpad gezien in het heuvelachtige terrein dat al zo vaak is gefotografeerd, maar ook de Testudo’s houden zich in de enorme hitte verscholen.
Waarschijnlijk is de hittegolf die op Lesbos heerste alvorens wij kwamen, met temperaturen tot tegen de 50 graden, er debet aan dat ook een hitte- en zonneminnende soort als Laudakia stellio zich niet laat zien. Deze heb ik op Rhodos echter al erg veel gezien en dat is dus geen groot gemis al zou het hier om dieren gaan met uitgesproken gele koppen.
Vooral echter het enorme aanbod aan soorten slangen en het feit dat er twee vrij gemakkelijk werden gespot maakt de kriebel naar het voorjaar alleen maar groter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


*