Gerbach, Pfalz 2008

Rheinland Pfalz: Gerbach
Weekje heuvellandschap

Vrijdag 25 juli 2008
We wisten zeker dat we nog weg zouden gaan maar wisten nog niet waar naartoe. Aangezien er een behoorlijke weersverbetering aan zou komen hebben we besloten te gaan kamperen en wel in Duitsland.
De eerste stop zal in ieder geval zijn in Gerbach, een klein plaatsje aan de voet van de Donnersberg in het Rheinland Pfalz. Eind jaren ’80 ben ik al eerder daar geweest en herpetologisch gezien kan het een interessante lokatie zijn. Aan de weg waar de camping ligt, ligt een stukje verderop een meertje waar ik in die tijd geelbuikvuurpadden (Bombina variegata) heb gevonden in behoorlijke aantallen. Ik heb in die tijd 4 exeplaren gevangen om te fotograferen en weer losgelaten (natuurlijk).

20 jaar geleden nog wel: de vroedmeesterpad (Alytes obstetricans)

Op de camping zelf heb ik de vroedmeesterpad gevonden en op de weg naar de camping toe heb ik tweemaal een hazelworm gevonden. Gezien het feit dat Gerbach maar 365 km. van Nijmegen ligt is het dus een prima lokatie om als eerste stop te gebruiken.

Gerbach, het dorp

De reis liep redelijk voorspoedig al was het eigenlijk veel te warm om zo lang te reizen. We hebben dan ook 3 keer uitgebreid gestopt en een file van ca. drie kwartier getrotseerd alvorens we Gerbach bereikten.
Dat de weggetjes naar de camping toe zo stijl waren wist ik niet meer en het meenemen van de fietsen lijkt dan ook redelijk voorbarig maar wie weet… Een paar forse hellingen van 15% zijn wellicht wat teveel voor ons. Het watertje waarin ik destijds de Bombina’s vond kent de eigenaresse van de camping niet maar Google Earth liet wel wat anders zien; het is er nog!
De avond dat we aankomen ben ik zoals gewoonlijk weer behoorlijk gestresst en we krijgen het amper voor elkaar om de voortent fatsoenlijk aan de caravan te bevestigen maar uiteindelijk, tijdens een laatste poging, lukt het.

Zaterdag
De eerste dag is altijd even een acclimatiseringsdag, even de spullen een plaatsje geven, wat inkopen doen en lekker luieren, het mag ook wel want het is drukkend warm en benauwd.
We staan nu goed en hebben de eerste dag dus lekker rustig aan gedaan, goed gegeten, en de batterijen zijn weer opgeladen (in letterlijke zin: voor de camera’s), we zijn er helemaal klaar voor.

Zondag

Azur camping Gerbach vanaf de berg gezien


Het is erg warm, net over de dertig graden en het is nog benauwd ook! We rijden even naar de top van de Donnersberg die op zo’n 450 meter ligt. Aldaar kopen we een wandelkaart met het plan om na het eten een wandeling te maken maar na het eten zijn we best wel moe en kunnen de moed niet meer opbrengen om aan de wandel te gaan, een volgende keer wellicht!

Het bos naast de camping

S’ Avonds gaan we toch nog even wandelen, net buiten de camping en het woud hier is van een bijzondere schoonheid.

Witte kleine wijngaardslak met bruin huisje

Het heeft net even geregend en de berm zit vol met kleine wijgaardslakken maar dit lijken albino’s te zijn.

Geheel witte kleine wijngaardslak

Het lichaam is bij alle exemplaren wit en bij enkele exemplaren is ook het huisje wit terwijl bij de meesten de huisjes wel een normale (bruine) kleur hebben. Ik heb dit nog niet eerder gezien maar misschien betreft het hier een ondersoort.Het wordt na een half uurtje al aardig donker en we keeren dus huiswaards.

Maandag

Idar Oberstein


Ik ken het nog van vroegen: Idar-Oberstein. In de tijd dat ik nog fanatiek gesteenten en mineralen verzamelde was dieze stad voor mij een droom, allemaal winkels met gesteenten en mineralen. Omdat ik mijn oude verzameling nog heb blijft het natuurlijk wel beeien, we besluiten dus om naar Idar Oberstein te gaan.

Het stenen- en mineralenmuseum

Het is inderdaad nog steeds een erg leuk stadje waar je gerust een paar uurtjes kunt vertoeven.
Je wordt er nog steeds doodgegooid met stenen en mineralen, al dan niet verwerkt tot sierraden. Daarnaast zijn vooral de ruwe stenen erg goedkoop. Ik koop dus nog wel een paar exemplaren van mineralen die ik nog niet in mijn verzameling heb: Een stukje malachiet, een stuk bontkopererts, een aardig stukje bergkristal en een mooi fluorietkristal (Octaeder).
Idar-Oberstein is in een dal gelegen en bij vlagen was het onwaarschijnlijk warm en tegen half vier bestluiten we naar huis te gaan.
Op de camping is het aanmerkelijk koeler.

Natrix natrix met prooi

Onderweg naar het toilet kijk ik (zoals altijd) even van het bruggetje naar beneden en ik zie tot mijn grote verbazing een ringslag (Natrix natrix) liggen. Ik loop beheerst naar achteren en ren naar de plaats om mijn camera te pakken. Terug bij het bruggetje lijkt de vogel gevlogen maar even later zie ik het dier aan de andere kant van het beekje met een gevangen vis (een grondeltje of iets dergelijks).

De prooi is waarschijnlijk een donderpad

Het dier heeft het te druk met het positioneren van de vis, de kop moet immers eerst naar binnen en nu heeft de slang de vis overdwars vast. Ik kan vanuit een paar kanten foto’s maken en van vrij dichtbij, het dier heeft enkel oog voor zijn prooi.
Na enig gedraai en heen-en-weer geren van mijn kant vind de slang het welletjes en verdwijnt met de prooi in een kier onder het bruggetje.

Ringslang (natrix natrix)

Een welkome waarneming!
Vooral de (Nederlandse) kinderen op de camping horen in no-time dat ik een slang heb gezien en willen allemaal naar de foto’s kijken. Ik leg natuurlijk uit dat het een volstrek ongevaarlijk dietje is want de kinderen waden geregeld in het beekje.
‘ s Avonds huppelt er nog een gewone pad (Bufo bufo) over de weg. Deze zet ik even in het licht om betere foto’s te kunnen maken. Het is een klein dier, vermoedelijk een mannetje.

Bufo bufo

Vreemd genoeg heb ik de gewone pad nu pas voor het eerst op de foto. Ik heb hier in het verleden wel de vroedmeesterpad gefotografeerd maar dat was in een tijd dat de apparatuur en mijn foto-skills nog niet van dien aard waren dat er echt mooie foto’s van waren. Ik hoop natuurlijk nog steeds deze vroedmeesterpad (Alytes obsteticrans) tegen te komen.
Al met al een aardige dag dus.
In de nacht schuiven we even aan bij de buren en drinken een biertje en gaan dus pas laat naar bed.

Dinsdag
Laat naar bed… Laat weer op!
Over elven staan we pas op, we hebben de nacht wat last van muggen gehad en dus niet zo goed geslapen. Het ontbijt is een brunch geworden want het is gewoon te laat. Na het eten pak ik mijn spullen en ga het bos in waar we eergisterenavond ook al liepen.
Ik vind het meertje nog niet maar het woud is erg mooi. Er zitten in ieder geval wel herten en een mestkever was bezig een deel van de hertenkeutel rolklaar te maken. Ik ben er vrijwel zeker van dat in dit bos, waar het beekje doorheen loopt meer te vinden is maar na anderhalf uur in de hitte houd ik het toch even voor gezien.
Op de boom naast onze plaats lopen een aantal bijeneters de boom op en neer. Erg mooie vogeltjes die ik nooi van zo dichtbij zag.

Bijeneter

Woensdag
We besluiten om vandaag maar eens een grote stad te bezoeken, het wordt Kaiserslautern. Deze stad is een gewone grote Duitse stad, zonder veel noemenswaardigheden. De weg terug werden we door TomTom anders gestuurd en moesten een 28% steile helling op wat zelfs zonder aanhanger een hele klus was voor de auto.
Eenmaal terug op de camping blijkt het in Kaiserslautern toch wel erg warm geweest te zijn, het was er dan ook 35 graden in de schaduw. De temperatuur op de camping is aanmerkelijk aangenamer.
Eenmaal goed en wel uitgepakt begint het te betrekken en we krijgen een korte maar hevige onweersbui. Als we eenmaal denken dat het voorbij is breekt de hel pas echt los: een onwaarschijnlijk heftige onweersbui met het centrum pal boven ons en hagelstenen ter grootte van een flinke kiezelsteen vallen ons ten deel.
De bui duurt ongeveer anderhalf uur en daarna klaart het weer op.
Het leuke van dit alles is dat de kinderen op de camping inmiddels op de hoogte zijn van mijn liefde voor reptielen en amfibieën en de één na de ander komt mij waarnemingen van padden brengen.

Een enorme pad (Bufo bufo), vast en zeker een vrouwtje

Het is dan ook erg warm geweest en een regenbui van deze proporties maken de padden actief. Zelf zien we ook nog een jong dier.
De bui heeft er ook voor gezorgd dat het rustig kabbelende beekje dat door de camping loopt en waar ik de ringslag fotografeerde, een regelrechte wildwaterbaan is geworden. In onze aanvankelijk lege emmer stond binnen anderhalf uur 20 cm. Water!

Donderdag
We staan om iets voor negenen op en het is heerlijk weer, de zon schijnt en het is (nog) niet warm. Na het ontbijt gaat de temperatuur toch wel weer gestaag omhoog en voor we het weten is het weer tegen de dertig graden.
De kinderen bij ons in de buurt komen plotseling naar mij toe gerend: “Buurman, we hebben een salamandertje gevangen” .

Kinderen op de camping komen een jonge zandhagedis (Lacerta agilis) laten zien

Het blijkt een jonge zandhagedis (Lacerta agillis) te zijn. Het diertje is nog van dit daar en gelukkig heeft het meisje dat hem vasthield dat heel zorgvuldig gedaan.
Ik maak eerst twee foto’s op de hand van het buurmeisje en daarna laat ik haar het diertje op het grasveld zetten zodat ik wat meer natuurlijke opnamen kan maken.

Lacerta agilis

Als de fotosessie is beëindigd zet is het diertje op de rand van een akker en een bramenhaag waar het zich verder wel zal kunnen redden als het tenminste niet ten prooi valt aan een predator.

Ondanks dat het ’s middags nog erg warm ik besluit ik de berg tegenover de camping op te lopen. Het smalle geasfalteerde weggetje loopt een procent of 20 (!) omhoog en in de warmte is het best zwaar.
Langs de korenvelden loop een stuk grasland en vanaf de heuvelrug heb je een mooi zicht op de camping en diens ligging. In het dichte struikgewas langs het pad (dat inmiddels alleen voor voetgangers is) hoor ik diverse dieren waaronder zeer veel verschillende vogels. Na een paar honderd meter valt mijn oog op een kronkelig takje dat geen takje kan zijn.

Hazelworm (Angius fragilis)

Vrijwel direct heb ik door dat het een jonge hazelworm (Angius fragilis) is.
Ik maak snel met de compactcamera een foto voor als het dier de neiging krijgt te vluchten. Daarna pak ik de reflex. De hazelworm blijft nog steeds rustig zitten maar zijn kop is onzichtbaar. Ik tik het diertje zachtjes aan en het verschuift iets, de kop is nu goed te zien en ik maak nog een paar foto’s. Als dan ook nog de batterijen opgaan denk ik dat het allemaal te laat is maar het dier blijft rustig liggen op het grasland.

Hazelworm

Zelfs na het wisselen van batterijen en van de lens ligt het dier er nog, ik kan rustig mijn gang gaan.
25 jaar geleden heb ik hier ook een hazelworm gezien die echter direct wegvluchtte en daarna onvindbaar was.
Ik wil nog een foto van het dier te maken maar wanneer ik het oppak begint het wel erg te kronkelen. Ik besef direct dat het maken van een foto van het diertje in mijn hand een onmogelijke opgaaf wordt en ik laat het beestje los.
Ook deze “duikt” onmiddellijk het gras in en is daarna echt onvindbaar. Het blijft wat dat betreft een klasse apart van deze toch vrij houterig bewegende dieren, je weet dat ze er zijn maar vinden doe je ze niet (meer).
Door de aanhoudende hitte en de behoorlijke klim heb ik vrij snel de pijp leeg en besluit terug te gaan naar de kampeerplaats, het was mooi geweest.

Vrijdag
Er wordt een weersomslag voorspeld maar het is niet zeker of dat ook hier gaat gebeuren. We hebben in ieder gaval niet voldoende tijd over om verder te gaan dus besluiten we te blijven tot het weer ook hier omslaat.
Vandaag gaat we naar Mainz.

Het mooie Mainz

Deze stad ligt ongeveer 40 km. van Gerbach en de stad zelf is een enorme meevaller. Het is een prachtige stad waar men nieuwe architectuur mooi heeft weten te combineren met hele oude gebouwen.
Het blijft warm maar in de loop van de middag lijkt het toch wat te gaan regenen, net op het moment dat wij op een terrasje wat willen gaan drinken. We rijden dus terug naar de camping waar de buren inmiddels hun tent aan het inpakken zijn. Ook om de weersomslag voor te zijn hebben zij besloten hun biezen te pakken en nog enigszins droog thuis te komen.
We drinken ’s avonds nog een borrel.

Zaterdag
De buren zijn al druk doende met het inpakken van de laatste spullen en we helpen even mee de caravan achter de auto te zetten, dan zijn ook zij weg. Het valt ons nu op dat de camping (zeker voor een zaterdag) vrijwel uitgestorven is. Het blijkt dat de mensen die hier in het weekeinde komen bijna allemaal een vaste plaats hebben en tijdens hun vakantie (die vandaag is begonnen) ergens anders heen gaan.
Het is zó rustig op de camping dat je er somber van wordt. We besluiten de auto te pakken en wat door de buurt te rijden.
Plotseling zie ik een bord langs de weg: “fort Montfort”.

Fort Montfort

We rijden er heen en komen in een dorpje (van 2 of drie huizen!) alwaar het ford zou moeten zijn. We parkeren de auto en zien een heel klein weggetje tegen de berg oplopen. Door het bos en de bergflanken op naderen we het fort. Plotseling sta je dan tegen een enorme muur, duidelijk de buitenkant van het fort en lijkt het de zware klim niet waard geweest te zijn.

Fort Montfort

Om de muur heen draaiend komen we ín het fort en dat ziet er werkelijk fantastisch uit!
Het fort is geheel gerenoveerd in oorspronkelijke stijl en er zijn hier en daar wat metalen trappen aangelegd om op moelijk bereikbare plaatsen te komen. Het uitzicht is geweldig, het fort zelf ook.

Fort Montfort

We hangen hier een uurtje rond en bekeiken alle plekken die we kunnen bereiken en lopen dan weer terug, de helling af naar de auto.
Terug op de camping is het net of we alleen op de wereld zijn, het is uitgestorven en aangezien ook hier het weer gaat omslaan besluiten we de spullen te pakken om morgen huiswaarts te keren.

Jaren geleden wemelde het hier van de geelbuikpadden (Bombina variegata)

Het heeft allemaal niet erg lang geduurd en er is nog één ding dat ik wil doen: Naar de plaats waar ik 25 jaar geleden vuurbuikpadden vond.
In ieder geval: ik ben een illusie armer, de padden zijn er niet meer!

Een 20 jaar oude waarneming van hier. Vuurpad in afweerhouding

Het watertje nog wel maar het dichte bos dat er omheen lag is helemaal weggekapt, ook in het water: niets te zien!
Het is jammer maar de dieren schijnen ook nogal te migreren en zijn misschien een stukje verderop wel te vinden.
Judith wordt echter door een regendaas gestoken en wil dus niet meer verder, we gaan terug.

Bombina variegata

Het laatste wapenfeit van deze (veel te) korte vakantie.

PS
Het is maar goed dat we zondag naar huis zijn gegaan, overal is het koud en nat geworden en nu zitten we toch lekker thuis. Wel erg jammer dat een reisje van twee weken zo resoluut wordt verkort, veel te kort, voor mijn gevoel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


*